"Vraag en antwoord over het vergadermodel"

Hoe werkt de Informatieve fase?

Pas aangetreden raadsleden hebben er minder last van, maar raadsleden of fractievolgers die al wat langer meelopen herinneren zich ongetwijfeld dat in het 'oude' vergadermodel de informatieve fase werd gedomineerd door het onderdeel 'stellen van politiek informatieve vragen' aan de indiener van het voorstel, in de meeste gevallen de betreffende wethouder. De orde was tamelijk star, er mochten wel vragen gesteld worden maar ze mochten niet vergezeld gaan van betogen of standpunten. Het kostte veel tijd, het politieke gehalte van de vragen daalde en - populair gezegd - het werd dikwijls vragen stellen om het vragen stellen. De tijd die dit kostte ging dan vaak ten koste van het inspreken. Want naast het vragen stellen was het inspreken het andere hoofdelement van de informatieve fase.

De wijziging in het vergadermodel heeft het stellen van politiek informatieve vragen rigoureus uit de informatieve fase verwijderd. De indiener van het voorstel, meestal de wethouder, is 'verbannen' naar de publieke tribune en doet even niet mee.

Lees meer

 

Het rondetafelgesprek

In maart van dit jaar voerde de oude raad, als één van zijn laatste besluiten, het rondetafelgesprek in. Waar staat het begrip rondetafelgesprek voor? De bedoeling is het inspreken meer tot zijn recht te laten komen. Dat wil zeggen dat er meer discussie, meer interactie en meer gelijkwaardigheid bestaat tussen insprekers en raadsleden/fractievolgers. Dat is wat besloten ligt in het rondetafelgesprek.

Voorbeelden van de nieuwe wijze van inspreken zijn o.a. het gesprek over de bomen aan de Huijghenslaan of de Kunstwerkplaats 37. Ook de gesprekken die woensdag 3 oktober jl. over de begroting zijn gevoerd, zijn voorbeelden van rondetafelgesprekken.

Het rondetafelgesprek kan in verschillende situaties georganiseerd worden:

  1. Het kan gaan om het inspreken naar aanleiding van een raadsvoorstel (bijvoorbeeld de MJPB of een bestemmingsplan);
  2. het kan een uitwerking zijn van het vrije inspreekrecht, dus op initiatief van inwoners van Arnhem of Arnhemse ondernemers/instellingen;
  3. het kan georganiseerd worden op basis van een voorstel van een of meerdere fracties.

Lees meer

 

Hoe werkt meningsvorming 1?

In Meningsvorming 1 spelen de woordvoerders van de fracties én de portefeuillehouder een centrale rol. De leden van de raadskamer stellen vragen aan de portefeuillehouder. Het is de bedoeling dat de vragen politiek relevant zijn. Daarmee bedoelen we dat de antwoorden op de vragen van wezenlijk belang zijn voor de standpuntbepaling door de woordvoerders van de fracties. De vergaderorde is vrij. De vragen mogen ingeleid worden met een betoog of een standpunt. Er mag ook geïnterrumpeerd worden; alles in deze fase is bedoeld om te onderzoeken wat er nodig is om overeenstemming te bereiken over een voorstel.

De portefeuillehouder krijgt ook ruimschoots de gelegenheid om zijn of haar voorstel te verdedigen of uit te leggen. Omdat de portefeuillehouder in de informatieve fase niet aan tafel zit, zal er bij hem of haar soms de behoefte bestaan om te reageren op zaken die eerder, bijvoorbeeld door insprekers zijn ingebracht. Ook daarvoor krijgt de portefeuillehouder ruimte.

Er wordt in deze fase nog niet over moties en amendementen gesproken, maar er wordt wel van de woordvoerders verwacht dat ze in hun fracties al een (voorlopig) standpunt hebben bepaald.

Lees meer

 

Hoe werkt meningsvorming 2?

In Meningsvorming 2 staan amendementen en moties centraal. Het is dan in Meningsvorming 1 duidelijk geworden dat het gaat over voorstellen die aanleiding geven voor veel debat. De inzet van het debat moet helder zijn. Zonder een duidelijke inzet kan het debat niet scherp gevoerd worden. Daarom is afgesproken dat de in te dienen amendementen en/of moties al 'aan het papier' zijn toevertrouwd, en op tijd beschikbaar zijn, zodat de woordvoerders van de fracties en de portefeuillehouders zich goed op het debat kunnen voorbereiden.

Waar we op moeten letten is dat het formuleren van amendementen en moties niet altijd iets is wat je in anderhalve dag kunt doen. Bij de agendering van voorstellen die naar Meningsvorming 2 gaan, houden we daar rekening mee. Als iets naar Meningsvorming 2 gaat nemen we op z'n minst een week extra ruimte na Meningsvorming 1.

Lees meer

 

Hoe werkt besluitvorming?

In de besluitvormende raadsvergadering staan primair de stemmingen over voorstellen, amendementen en moties centraal. De besluitvorming is het sluitstuk van de politieke discussie. Het grootste deel van een besluitvormende vergadering bestaat uit de finale beslissingen over de in de raadskamers voorbereide raadsvoorstellen. Het vergadermodel legt de nadruk op de meningsvormende fase (meningsvorming 1 en meningsvorming 2); debatten die eerder in de meningsvorming zijn gevoerd, moeten in de besluitvormende vergadering dan ook niet worden herhaald.

Maar daarmee is nog lang niet alles gezegd over de besluitvorming. Een belangrijk onderdeel van een besluitvormende vergadering vormen de Moties vreemd aan de agenda.

Lees meer

Uitgelicht

Uw Reactie
Uw Reactie