Gladheidsbestrijding

Bij gladheid strooien we in 3 fases. De bruggen, belangrijke verkeersaders, busbanen en onder andere het centrumgebied strooien we bij verwachte gladheid als eerst. Daarna volgen belangrijke wijkontsluitingen, steile wijkstraten en voetgangersvoorzieningen.

We strooien al als gladheidheid dreigt. Het zout kan dan inwerken. De belangrijkste wegen en fietspaden worden het eerst gestrooid. De stad moet bereikbaar blijven. Bovendien zijn de risico's van gladheid op drukke routes groter. Op de strooikaart kunt u de strooiroutes  zien. 

Strooiroutes 

We kennen 3 strooiroutes. De indeling en de volgorde waarin deze routes worden gestrooid is als volgt: 

Bruggenroute

Bruggen en viaducten worden vaak als eerste glad door opvriezing. In de bruggenroute zitten de John Frost-, Nelson Mandela- en IJsselbrug.

Urgentie 1: preventieve strooiroute

De wegen en fietspaden zijn opgenomen in de urgentie 1 route en worden bij dreigende gladheid preventief gestrooid. Dit zijn de bruggen, de verkeersaders, de steile wijkontsluitingswegen, de busbanen, het centrumgebied, het stationsgebied en de afritten van de rivierkades.

Urgentie 2: curatieve strooiroute 

Wegen en fietspaden in de urgentie 2 route worden gestrooid als het werkelijk glad is of als er sneeuw ligt. Het betreft de wijkontsluitingswegen, de steile wijkstraten, voetgangersvoorzieningen als bushaltes, zebra’s en marktstraten/pleinen op marktdagen. Ook worden de toegangswegen en doorgaande looproutes naar winkelcentra, scholen, medische centra en bejaardencentra schoon gehouden.

Overige wegen en fietspaden

Overige wegen en fietspaden worden niet gestrooid. Pas bij grote, langdurige ontwrichting van het verkeer kan besloten worden om in meerdere straten van Arnhem die niet in enige urgentie zijn opgenomen te strooien.