Toespraak herdenking Slag om Arnhem 2022

Op vrijdag 16 september gaf burgemeester Ahmed Marcouch een toespraak tijdens de herdenking om de Slag om Arnhem in de Eusebiuskerk. U kunt op deze pagina de toespraak teruglezen.

Goedenavond dames en heren,   
  
Vandaag herdenken wij de Slag om Arnhem. Wat wij willen in deze tijd van oorlogen, evacuaties en vluchtelingen, is leren van ons verleden. Daarom staan wij hier in onze Eusebiuskerk stil bij deze bepalende slag in de Tweede Wereldoorlog. 
Als speciale gast verwelkomen wij dit jaar de minister van Justitie en Veiligheid Dilan Ye┼čilgöz. Ook zijn wij heel blij met de ambassadeurs en andere vertegenwoordigers uit Groot Brittannië, Polen, Canada, de Verenigde Staten, Australië, Duitsland en Oekraïne. 

Van harte welkom! En wij hebben 1 veteraan in ons midden, Roy Smith. Graag een hartelijk applaus voor hem. 
  
Beste mensen,  
Ik wil beginnen ons medeleven uit te spreken met onze dierbare vrienden uit het Verenigd Koningrijk; namens Arnhem condoleren wij u met het grote verlies van Queen Elizabeth II. Ik denk veel aan prins Charles, uw koning Charles III nu. Hij en ik waren hier zij aan zij in deze statige kerk. Ik begrijp heel goed hoe heel het Verenigd Koninkrijk rouwt, Queen Elizabeth was zoals wij willen dat moeders zijn – bakens in zee, altijd aanwezig. 
  
Herdenken gaat over mensen zien zoals zij werkelijk zijn, in goede tijden en slechte tijden. Het gaat om begrijpen, leren, vergeven en verzoenen. Ons daarin oefenen, in wezen. Inderdaad kregen de veteranen met de Slag om Arnhem totaal nieuwe ervaringen mee die hun levens voor goed zouden veranderden en ook onze grootouders kregen door de gruwelen van de Tweede Wereldoorlog inzichten die van cruciaal belang zijn om door te geven aan ons, aan nieuwe generaties.  Dit besef kwam ons des te scherper voor de geest, toen wij de veteranen moesten missen; in 2020 en 2021 vooral door corona en ook dit jaar konden velen de reis naar Arnhem, Ede, Driel en Oosterbeek helaas niet maken.   
  
In de film The Taxi Charity hield onze oudste veteraan Ray Whittwell vorig jaar een bord voor de camera, met de woorden: ‘Ik zou in Nederland willen zijn; bij jullie, mijn vrienden’. Wij missen hen ook. De verloren Slag om Arnhem heeft ons een belangrijk inzicht gebracht die ik graag bij u onder de aandacht breng. Eén van de mede-veteranen, bekent inThe Taxi Charity dat hij vroeger niet naar Arnhem durfde te komen. Hij schaamde zich. De bevrijding was immers mislukt, vrijwel alle Nederlanders boven de rivieren kwamen terecht in een barre hongerwinter en vrijwel alle Arnhemmers kregen het bevel de stad uit te vluchten – lange rijen mensen met zwaar beladen karren met kinderen en huisraad - voer voor razzia’s en bombardementen.   
  
De aarzelingen van de veteranen om ons te bezoeken, de eerste jaren na de Slag om Arnhem bracht mij een grote levensles. ‘Het resultaat telt’ zeggen wij vaak. Maar Arnhemmers zijn wijzer dan dit adagium; voor ons geldt dat de inzet net zo goed telt, meer nog zelfs dan het resultaat. Want alles begint met de inzet, met de goede wil. Arnhemmers zijn altijd dankbaar geweest voor de wil van de jonge mannen om hier in Arnhem hun leven in de waagschaal te stellen, ver buiten hun eigen landsgrenzen, nota bene. Hun inzet bracht ons heel veel moed en doorzettingsvermogen. De nieuwe moed hielp Nederlanders de hongerwinter te doorstaan, Arnhemmers de evacuatie te volbrengen en de verzetsstrijders hun strijd te volharden.   
 
De nieuwe moed hielp ook de gastgezinnen op de Veluwe, Apeldoorn en verder, om de berooide Arnhemse stedelingen met al hun gewoonten en trekjes ruimhartig op te vangen, soms negen maanden lang. Daar wil ik hen vandaag namens de Arnhemmers heel hartelijk voor bedanken.   

Ik kan verdedigen dat door de voorgeleefde moed van de veteranen en door onze speciale geschiedenis van vluchten, opvangen en weder opbouwen, wij hier in Arnhem anno nu de Oekraïners en andere vluchtelingen zo gastvrij ontvangen, tot aan huis in gastgezinnen. Dit valt heel Nederland op, hoe lankmoedig en praktisch wij opvangen in Arnhem. Het is goed om te doen, juist in slechte tijden waarin het erop aan komt de neiging te weerstaan om ons terug te trekken in egoïsme en dat goed te praten door zondenbokken op te voeren. 
  
De verhalen van de evacuaties na de Slag bij Arnhem zijn meer dan ooit zeer welkom, zij maken ons waakzaam: hoe blijven wij de mens zien in de ander? Juist nu! Ik vermoed dat Arnhemmers zelf pas nu toekomen aan denken en vertellen, maar liefst 78 jaar later. Lang had onze oudste generatie helemaal geen tijd, Arnhem moest herbouwd. Maar nu de oudste generatie rust krijgt  en de kleinkinderen met hun onbevangen belangstelling grote vragen stellen over de levens van hun opa’s en oma’s – nu komen de verhalen. Zij horen helemaal thuis in de herdenking van de Slag om Arnhem.   
 
Onze vooruitgang zit in wat wij leren uit de oorlogsverhalen. Dat de kern van ons menselijkheid zit in de betekenis die wij zijn voor de ander en in de solidariteit die wij kunnen opbrengen voor een ander; juist in moeilijke tijden, juist als onze bestaanszekerheid onder druk komt te staan. 
 
Beste mensen en ook de kinderen die hier zijn,laten wij allen op zoek blijven naar wat een mens tot mens maakt. Niet alles lukt altijd, maar wel is altijd onze goede wil cruciaal. 
 
Zo lang wij slagen elkaar echt als mensen te zien, weerstaan wij de vijandschap en tillen wij elkaar op. Dát is de toekomst die bij Arnhem hoort – ons Arnhem. 
  
Dank u!